Uitgelicht: Meer inzicht in de relatie tussen conditiescore en vetopslag binnenin het lichaam

Een iets verdikte manenkam
Onderzoekers waren geïnteresseerd in hoeverre de vetbedekking die aan de buitenkant zichtbaar/voelbaar is, oftewel de conditiescore of Body Condition Score (BCS), iets zegt over de mate van vetbedekking dieper in het lichaam. Ze hebben de BCS bepaald aan paarden en ponies  (hierna worden ze allemaal ‘paarden’ genoemd) die voor de slacht werden aangeboden en vervolgens hebben ze, na het doden, de interne vetbedekking gemeten. Door beide waarnemingen met elkaar te combineren kwamen ze erachter dat de BCS een vrij goede voorspeller is voor het vet in het retroperitoneum, dat is het deel van de buikholte dat niet door het buikvlies wordt omgeven. Binnen het retroperitoneum bevinden zich de alvleesklier, een deel van de twaalfvingerige darm en van de dikke darm, de endeldarm, de nieren, de blaas, de prostaat, en de aorta (grootste slagader). Maar de BCS is een veel minder goede voorspeller voor het vet binnen het omentum, dat als een net om de maag en een deel van de twaalfvingerige darm heen zit. De BCS is een slechte voorspeller van het vet binnen het mesenterium, dat rond de dunne darm ligt en van het vet in het epicardium (vet rond het hart).

Het netwerk van bloedaders van de vetdepots in het mesenterium en omentum mondt uit in de poortader, die direct uitkomt in de lever. Het netwerk van bloedaders van het vetdepot in het retroperitoneum komt uit in de nieren. Dat is fysiologisch gezien heel verschillend, aangezien ook de bloedvoorziening van de darmen, voorzien van voedingsstoffen, uitmondt in de lever. Dat bloed gaat vervolgens het hele lichaam door om dat van voedingsstoffen te voorzien. In de lever vindt ook aanmaak van vet plaats. Het bloed dat naar de nieren gaat wordt daar schoon gemaakt en de afvalstoffen worden via de urine uitgescheiden. Bij mensen zijn deze soorten vetdepots beide gecorreleerd met het metabole syndroom. Maar het is nog niet duidelijk welke rol dit verschil in fysiologie speelt in (het risico op ontwikkeling van) het metabole syndroom.

Het vet binnen het retroperitoneum is een relatief groot depot. In deze studie bedroeg het 2,87% van het totale (lege, dus met schone darmen en lege blaas) gewicht na doden. Ter vergelijking, de vet opslag in de manenkam bedroeg 0,65% van het lege lichaamsgewicht.

Wat kunnen we met deze informatie? Nog niet heel veel, helaas. Obesitas bij paarden is gerelateerd aan, onder andere, een verhoogd risico op laminitis, een verlaagde vruchtbaarheid en, uiteraard, een verminderd atletisch vermogen. Eerdere studies hebben al laten zien dat er een duidelijke relatie bestaat tussen een vette manenkam en een verhoogd risico op laminitis. De resultaten van deze studie geven aan dat een verdikte manenkam een duidelijke relatie heeft met een vergrootte vetopslag binnen het retroperitoneum. Een paard met een vette manenkam heeft in veel gevallen dus nog veel meer vet rond een belangrijk deel van zijn darmen. Maar het is nog niet duidelijk of dat extra vet in het retroperitoneum het verhoogde risico op laminitis verklaard. Of waarom sommige paarden een dikke nek hebben en verder geen last lijken te hebben van hun overgewicht en andere paarden juist wel. Maar dit onderzoek geeft wel nieuwe aanknopingspunten en de onderzoekers suggereren om waarnemingen aan interne vetdepots te verzamelen, bijvoorbeeld tijdens koliek operaties. Zeker wanneer dit soort waarnemingen gekoppeld zouden kunnen worden aan gegevensvan die paarden met betrekking tot andere aandoeningen, dan zou dat weer tot nieuwe inzichten kunnen leiden.

De referentie naar deze studie:

Morrison PK, Harris PA, Maltin CA, Grove-White D, Argo CMG. (2017) EQUIFAT: A novel scoring system for the semi-quantitative evaluation of regional adipose tissues in Equidae. PLoS ONE 12(3): e0173753. https://doi.org/ 10.1371/journal.pone.0173753

Dit artikel is online te lezen:

http://journals.plos.org/plosone/article/file?id=10.1371/journal.pone.0173753&type=printable

 

Terug naar de Inhoudelijke Artikelen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *