Uitgelicht: Verband tussen selenium niveau en kribbebijten

Kribbebijten is een hele vervelende gewoonte van sommige paarden, waarbij ze een oppervlak met hun tanden vastgrijpen en hard lucht naar binnen zuigen. Je hoort dan een ‘gloek’ geluid, misselijkmakend (voor mij althans). Kribbebijten kan diverse problemen tot gevolg hebben, zoals beschadiging van de snijtanden, koliek, beschadiging aan het kaakgewricht, gewichtsverlies, verhoogd risico op maagzweren (maar het is niet duidelijk wat oorzaak is en wat gevolg), verminderde prestaties en een afname in het leervermogen. Er is nog weinig bekend over de pathofysiologie (de medische achtergrond) van kribbebijten.

Het is een gedrag waarbij endorfines vrijkomen, waardoor de paarden zich beter gaan voelen. Je kunt het een beetje vergelijken met het gedrag dat tijgers in dierentuinen wel laten zien: steeds hetzelfde rondje lopen, achter elkaar door. Het wordt ook wel stereotype gedrag genoemd en wordt vaak gezien als een teken van verminderd welzijn. Maar de werkelijke oorzaak is nog niet bekend. Het komt het meest voor bij paarden die veel op stal gehouden worden, maar ook wel bij paarden in de wei. En niet alle paarden gaan kribbebijten, waarom sommige wel en anderen niet?

Naar de reden wordt gezocht. In de Journal of Veterinary Behavior is een studie gepubliceerd waarin wordt gekeken naar de mogelijke relatie tussen een aantal bloedparameters en het optreden van kribbebijten in paarden. De groep heeft de parallel getrokken tussen het compulsieve gedrag bij paarden, in combinatie met het feit dat hun psyche ook lijkt te veranderen, en mogelijk vergelijkbare aandoeningen bij mensen. Bij mensen zijn relaties gevonden tussen bepaalde enzymen, sporenelementen, electrolyten en hormonen die in het bloed te meten zijn en het optreden van gedragsstoornissen als depressie, angst, en schizofrenie.

Het is niet duidelijk met welke menselijke afwijking het kribbebijten te vergelijken zou kunnen zijn. Maar vergelijkbare veranderingen in bloedparameters zou aanknopingspunten kunnen bieden dat er bij paarden vergelijkbare fysiologische processen aan kribbebijten ten grondslag liggen.

De onderzoeksgroep heeft 10 kribbebijters gevolgd en 10 controlepaarden. De paarden waren allemaal in boxen gehuisvest en de verdeling over hengsten, merries en ruinen en de leeftijdsverdeling waren in beide groepen vergelijkbaar. Onder de kribbebijters bevonden zich Arabieren, kruisingen en Dareshouri. Het is niet duidelijk in hoeverre de paarden in de controlegroep van hetzelfde ras waren.

Van alle paarden werd bloed afgenomen. Van de kribbebijters werd bloed afgenomen tijdens het kribbebijten en in een periode daarna gedurende welke ze minimaal 30 minuten niet hadden gekribbebeten. Dat werd gezien als hun ‘basaal’ meting. Je had dus eigenlijk 3 soorten bloed: 2 van de kribbebijters, tijdens en zonder kribbebijten, en 1 van de controlepaarden, dus zonder kribbebijten. Het is niet duidelijk hoe vaak er per paard bloedmonsters werden genomen, maar minimaal eenmaal in de controlepaarden en tweemaal in de kribbebijters.

De resultaten waren wel interessant. Voor verreweg de meeste bloedparameters waren er geen verschillen tussen kribbebijters en controlepaarden.Op één parameter na: Kribbebijters hadden lagere selenium niveaus in hun bloed dan de controlepaarden en dat niveau werd tijdens het kribbebijten nog lager. Wat maakt selenium nou zo speciaal? Dat is helaas nog niet helemaal duidelijk, maar er zijn wel aanwijzingen. Selenium speelt een belangrijke rol als antioxidant. Het is bij mensen algemeen geaccepteerd dat een gebrek aan selenium gepaard gaat met een verslechterde gemoedstoestand. Er bestaan verbanden tussen verlaagd selenium niveau en humane psychiatrische aandoeningen die gepaard gaan met stereotype gedrag, zoals schizofrenie. Bij mensen is bovendien gevonden dat schizofrenie vaker voorkomt in gebieden waar selenium niveaus in de bodem laag zijn. Dit suggereert een relatie met een selenium tekort in de voeding. Maar dat verband is nog niet aangetoond. Het mechanisme dat het effect van selenium op gedrag zou moeten verklaren is ook nog niet duidelijk. En bij paarden dus al helemaal niet.

Maar resultaten als deze geven wel weer mogelijke ingangen om meer te leren over de achtergrond van kribbebijten. Het kan zijn dat het, net als bij mensen, te maken heeft met aanleg voor psychiatrische aandoeningen (de paardenversie daarvan). Het kan ook zijn dat er een invloed is van voeding. Maar voordat alle eigenaren van paarden die kribbebijten gelijk naar de seleniumpot grijpen: pas op! Een overdosis aan selenium is gevaarlijk. Het werkt direct in op de werking van de hersenen en kan voor grote problemen zorgen. Wat je wel kunt doen is je dierenarts vragen om het seleniumniveau in het bloed van je paard te (laten) bepalen. En als je dan toch bezig bent, laat dan gelijk een aantal andere parameters bepalen zodat je weer een goed beeld hebt van de gezondheidsstatus van je paard. Op basis van de resultaten kun je dan eventueel het dieet van je paard aanpassen.

Nog beter is het natuurlijk om je paarden zo te houden dat ze de neiging tot kribbebijten helemaal niet ontwikkelen. Zorg voor huisvesting met voldoende afleiding en mogelijkheid tot beweging. Maar gezegd moet worden dat het heel waarschijnlijk is dat, net als bij mensen, er verschillen bestaan tussen paarden in hoe gevoelig een dier is voor het ontwikkelen van dit afwijkende gedrag. Hele gevoelige paarden zullen het heel makkelijk aanleren en eenmaal aangeleerd krijg je het er heel moeilijk weer uit.

Referentie: Omidi, A., Jafari, R., Nazifi, S., Parker, M.O., Potential roles of Selenium and Zinc in the pathophysiology of crib-biting behavior in horses, Journal of Veterinary Behavior (2017), doi: 10.1016/j.jveb.2017.10.003.

De link naar de studie (allleen abstract voor iedereen beschikbaar): Abstract

Op de homepage worden verse nieuwsbrokken kort weergegeven Bekijk het nu!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *